Heup(sub)luxatie

Bij heup(sub)luxatie ligt de heupkop gedeeltelijk of volledig buiten de heupkom. Heup(sub)luxatie komt voor bij baby's. Er is dan ook altijd sprake van heupdysplasie. Heup(sub)luxatie is een ergere vorm. Bij heupsubluxatie ligt de heupkop gedeeltelijk buiten de heupkom. Bij heupluxatie ligt de heupkop volledig buiten de heupkom.

Kenmerken en symptomen

Na de geboorte zie je als ouders niet direct of je baby heupdysplasie heeft. Als het vaker voorkomt in je familie, kan de consultatiearts je baby direct onderzoeken. Ongelijke beenlengte of een extra bilplooi laten soms zien dat het kind een afwijking heeft aan het heupgewricht.

Oorzaken

Een precieze oorzaak van heup(sub)luxatie is niet bekend. De volgende factoren vergroten de kans op een heup(sub)luxatie:

  • veel aangeboren heupafwijkingen in de familie;
  • het kind lag voor geboorte in een stuitligging;
  • het kind heeft ook een andere aangeboren afwijking als een open ruggetje of klompvoetje.

Behandeling

De behandeling van heup(sub)luxatie kan per ziekenhuis verschillen. Vaak worden de beentjes van je baby in spreidstand gehouden. Soms is een tractiebehandeling noodzakelijk, waarbij het kindje op bed ligt met de beentjes in de lucht. Aan de beentjes hangen gewichtjes, waardoor de verkorte spieren van het heupgewricht worden opgerekt. Na deze behandeling is vaak nog een gipsbroek nodig. Deze orthese of bandage positioneert de heupgewrichten. De behandelend arts kan je hiervoor doorverwijzen naar een van onze orthopedisch adviseurs.