Tips bij het kopen van nieuwe schoenen

Tips bij het kopen van nieuwe schoenen

Geen voet is hetzelfde. Daarom is het belangrijk dat je de schoenen koopt die bij je voeten passen. Het is best lastig om goede schoenen te kopen. Waar moet je allemaal op letten?

1. Vetersluiting

Veterschoenen hebben meestal een betere pasvorm. De veterschoen is stevig te sluiten over de gehele wreef en zorgt ervoor dat je voet vast in de schoen ligt. De veter voorkomt het in- en uitslippen uit de schoen. Heb je een beperkte handfunctie, dan is een klittenbandsluiting een goed alternatief.

2. Geen voelbare naden of stiksels op gevoelige plaatsen

Heb je pijnlijke tenen en/of uitsteeksels aan je voet? Dan is het belangrijk dat het bovenleer niet hard is en de schoen geen voelbare naden of stiksels heeft.

3. Bovenmateriaal en voering van echt leer

Schoenen zijn in allerlei (synthetische) materialen verkrijgbaar, maar leer heeft de voorkeur. Leer zorgt voor een goede ventilatie, laat zich gemakkelijk vormen en is duurzaam.

4. Breedte hak

Voor voldoende stabiliteit mag de hak niet smaller zijn dan de schoen.

5. Hoogte hak

Een schoen met een hakhoogte van 2 à 3 cm geeft de meeste steun en zorgt ervoor dat je kuit ontspannen is.

6. Versteviging hiel

De schoen moet een versteviging rond de hiel hebben, die de hiel ondersteunt en op zijn plaats houdt (contrefort). Let er bij een lage schoen op dat de hiel zo hoog mogelijk door de schoen wordt omsloten en dat de versteviging rond de hiel goed om de voet sluit. Hoe steviger het contrefort, des te minder kans op zwikken van de enkels. De hielomsluiting moet niet met de duim in te duwen zijn.

7. Zool

Bij gevoelige tenen is het lopen op een wat verende rubberzool meestal prettiger. Een rubberzool heeft ook meer grip. De zool van een schoen moet zo soepel zijn, dat een goede afwikkeling mogelijk is. Als je de schoen in de hand hebt, moet je de zool kunnen buigen bij de voorvoet.

8. Hoog op de voet sluitend

De schoen moet over de gehele wreef goed sluiten. Bij een lage schoen geldt dat deze zo hoog mogelijk op de wreef eindigt, zo'n 1 cm voor de buigingslijn. Neem liever geen op de wreef laag uitgesneden schoen. De schoen heeft weinig houvast om de voet waardoor de voet gaat slippen bij de hak. Om dit te voorkomen ben je geneigd een kleinere maat te nemen, waardoor de tenen in de knel komen.

9. Breedte schoen

Je schoen moet goed passen in de breedte. In de breedte mogen de tenen en de bal van de voet niet buiten de binnenzool vallen. Ook mogen de tenen de bovenkant van de schoen niet raken. Het kan zijn dat je schoenen moet aanschaffen in een bepaalde wijdtemaat. Met de wijdtemaat wordt aangegeven hoe smal of breed een schoen is.

10. Lengte schoen

De tenen moeten in een schoen vrij kunnen bewegen. Er moet voldoende ruimte zijn bij de bal van de voet en bij de tenen, zowel in de breedte, als in de hoogte. Tenen en nagels komen snel in de knel waardoor pijnklachten kunnen ontstaan. De schoen moet ongeveer 1 cm langer zijn dan je langste teen.

11. Ondersteuning voetholte

De schoen moet de voetholte ondersteunen en zorgen voor de juiste buiging van de voorvoet. Deze versteviging wordt ook wel 'cambreur' genoemd.

Draag je orthopedische voetbedden of podotherapeutische zolen?

Overweeg je nieuwe schoenen te kopen, dan kun je dit het beste doen voordat je je nieuwe orthopedische voetbedden of podotherapeutische zolen van OIM Orthopedie hebt ontvangen. Hierbij moeten de nieuwe schoenen uitneembare zolen hebben, zodat deze vervangen kunnen worden door de orthopedische voetbedden of podotherapeutische zolen.

Belangrijk is dat je schoenen een versteviging rond de hiel hebben, hoog op de voet sluiten en goed passen in de breedte en lengte. De schoen moet ook met je orthopedische voetbedden of podotherapeutische zolen diepte hebben, zodat je voet niet uit de schoen slipt.

Er zijn ook sandalen die geschikt zijn voor het dragen van podotherapeutische zolen.

Overige tips

  • Koop schoenen altijd in de namiddag, omdat je voeten in de loop van de dag dikker kunnen worden.
  • Pas altijd beide schoenen in de winkel. Het is normaal dat de ene voet langer kan zijn dan de andere. Koop schoenen altijd op de langste voet.
  • Pas de schoen altijd staande. Als de voet staat, is hij wat langer dan bij zitten door het gewicht dat erop komt.
  • Loop een tijdje op de schoenen in de winkel rond. Neem de tijd voor het kopen van je schoenen. Bij twijfel niet kopen.
  • Doe de schoen bij het passen (en het dragen) op de juiste manier dicht. Bij een veterschoen veters goed aantrekken en strikken.
  • De schoen loopt niet uit. Met andere woorden: een schoen wordt niet groter. Als een schoen te klein is, zal dat dus zo blijven. Wel wordt het bovenleer tijdens het gebruik soepeler, waardoor het zich aanpast aan het model van je voeten.

Heb je een beugel aan je schoen?

Wanneer een beugel aan je schoen bevestigd wordt, is het belangrijk dat de schoen de voetholte ondersteunt en zorgt voor de juiste buiging van de voetholte (cambreur). Daarnaast moet de schoen een versteviging rond de hiel hebben, die de hiel ondersteunt en op zijn plaats houdt (contrefort).

Heb je een spalk in je schoen?

Wanneer je een spalk in je schoen draagt, is het van belang dat je een schoen hebt met een uitneembare zool en een versteviging rond de hiel. De schoen dient voldoende ruimte te hebben in de hoogte, breedte en lengte en mag dus niet knellen.