Posttrombotisch syndroom (PTS)

Posttrombotisch syndroom (PTS)

Als je eerder een diep veneuze trombose hebt gehad, loop je de kans daarna een aantal huidverschijnselen te krijgen die niet meer verdwijnen. Bijvoorbeeld een dunne, glanzende huid, een roestbruine of juist witte verkleuring van je huid of op langere termijn zelfs moeilijk genezende wonden.

Kenmerken en symptomen

  • dunne, glanzende huid van je been;
  • zwaar, vermoeid gevoel in je been;
  • vocht in je been (oedeem);
  • een roestbruine, hemosiderine verkleuring van de huid;
  • eczeem;
  • spataders;
  • witte verkleuringen van de huid (atrofie blanche);
  • moeilijk genezende wonden (open been).

Het posttrombotisch syndroom (PTS) is een combinatie van huidverschijnselen aan een been die ontstaat bij mensen die een diepe veneuze trombose (DVT) hebben gehad. PTS ontwikkelt zich meestal binnen twee jaar na een DVT en bij 25-50% van de mensen met een DVT.

Oorzaken

Na een diepe veneuze trombose kunnen kleppen in de haarvaten van je benene dusdanig beschadigd zijn geraakt, dat ze niet goed meer afsluiten. Als gevolg hiervan stroomt het bloed gemakkelijk terug, zodat de druk in je aderen en haarvaten toeneemt. In het bloed dat achterblijft in de beenaderen zitten niet alleen rode bloedcellen, maar ook diverse afbraakproducten: ontstekingseiwitten, afweercellen en stollingseiwitten. Deze cellen en stoffen treden op een gegeven moment de bloedbaan uit en komen in de weefsels terecht. Na verloop van tijd worden dan de voor PTS kenmerkende verschijnselen in de huid zichtbaar worden. Of dit daadwerkelijk ontstaat hangt af van de uitgebreidheid, plaats en duur van de trombose. Een kleine trombose die maar kort aanwezig was, zal minder vaak lange termijn problemen geven dan een grote trombose die langdurig aanwezig was en dus langdurig de ader heeft beschadigd. Het dragen van steunkousen vermindert het risico op PTS.

Behandeling

Wanneer je eenmaal de verschijnselen van PTS hebt, is dit syndroom niet meer te genezen. Je arts zal je adviseren levenslang steunkousen te dragen om de kans op het ontstaan van lange termijn complicaties, zoals een open been, te verminderen. Je kunt voor het aanmeten van deze steunkousen een afspraak met ons maken.

Tips

  • draag je steunkousen iedere dag;
  • veel bewegen (lopen, fietsen, zwemmen);
  • voorkom overgewicht;
  • vermijd knellende kledingstukken als strakke broeken, elastieken banden en dergelijke;
  • draag makkelijke schoenen;
  • leg je benen omhoog bij langdurig zitten.